Liefde en geluk II – Visies

Bewustzijn & Levenskunst - dossier

Binnen de NLP (Neuro Linguïstisch Programmeren) wordt gezegd: de kaart is niet het gebied is. Wat je beschrijft is niet het beschrevene, het blijft een kaart, een theorie. Ken Wilber (1949) voegt daar in zijn boek, Een beknopte geschiedenis van alles (1996), aan toe dat je de kaartmaker niet moet vergeten. Met andere woorden, de kaart, de beschrijving van iets is altijd gekleurd door degene die (be)schrijft, de kaartmaker.

En zo ook hier, wanneer we komen te spreken over liefde en geluk, ja juist bij dit onderwerp kan de schrijver niet buiten beeld zijn. Immers geen subjectiever onderwerp dan liefde en geluk.

Wanneer je zoals ik, bent opgegroeid met het idee dat je liefde en waardering, laat zeggen erkenning, moet verdienen door te zorgen voor het welzijn van de ander, dan is het beeld van liefde, dat ik als jong mens had wel wat problematisch. En dan druk ik het zacht uit.

Wellicht is dat er de oorzaak van dat ik nu – na jaren van reflectie – tamelijk abstract kan denken en schrijven over dit onderwerp. Hier wat visies:

Ten eerste: ik ben ervan overtuigd dat liefde niet is beperkt tot partner-relaties. Sterker nog, de partnerrelaties zijn bij uitstek relaties waar de weging van voor en nadelen de continuïteit bepalen. Kijk naar het aantal echtscheiding. In mijn jeugd gingen mensen uit elkaar, vanuit diepe ellende. Vader’s handjes zaten los, of hij dronk, of beide. Uit elkaar gaan omdat het allemaal wat minder was met de liefde was er niet bij. Je had kinderen en ach, je kunt niet altijd verliefd blijven.

Ten tweede: ik ben ervan overtuigd dat je niet kunt houden van iets of iemand, maar dat je liefde ervaart – het stromen van het gevoel – in de aanwezigheid van dat wat je waarneemt. Of nee, nog beter gezegd: in aanwezigheid.  Het gaat niet om de waarneming als iets dat er is buiten jezelf, het werkt in jezelf. Het werkt. Krishnamurti zegt: je wordt het waargenomene. Ik kom hier uitgebreid op terug.

Zolang mijn gedachten me niet in de weg zitten is dat er, het ene moment meer dan het andere en vaak onverwacht. Juist onverwacht.

Ten derde: de mens is ambivalent. Hij wordt voornamelijk gestuurd door onbewuste angsten en driften, niet door de rede en het verstand, zoals wij westerlingen maar steeds willen geloven. We kunnen nog zo bevlogen bezig zijn met liefde en gelukzaligheid, als het spannend wordt wint bij de meeste van ons toch het reptielenbrein en gedragen we ons als reptielen, eten of gegeten worden.